Overgewicht en obesitas

Er is sprake van overgewicht en obesitas als er teveel vet in het lichaam is opgestapeld. Overgewicht en obesitas ontstaan als de hoeveelheid energie die iemand binnenkrijgt door eten en drinken voor langere tijd hoger is dan de energie die het lichaam verbruikt.

Wanneer is er sprake van overgewicht of obesitas?

De Wereldgezondheidsorganisatie (WHO) hanteert de volgende definitie voor overgewicht en obesitas

Bij overgewicht en obesitas is sprake van een abnormale of een zodanige overmatige vetstapeling in het lichaam dat dit aanleiding geeft tot gezondheidsrisico’s.

Of er sprake is van overgewicht of obesitas kan op twee manieren worden bepaald, door meting van de Body Mass Index (BMI), ook wel bekend als de Queteletindex (QI) of door meting van de middelomtrek. Het meten van de middelomtrek geeft u met name inzicht over de gezondheidsrisico’s van uw overgewicht of obesitas, omdat hiermee ook wordt gekeken naar vetstapeling in de buikholte. Vetstapeling in de buikholte, rondom de organen, brengt een verhoogd gezondheidsrisico met zich mee.

Meting van de BMI

De Body Mass Index is een indexcijfer dat de verhouding weergeeft tussen lengte en gewicht. De Index is gelijk aan de massa van het lichaam in kilogram gedeeld door het kwadraat van de lengte in meter.

BMI = kg/cm2

Bereken zelf uw BMI, met onderstaande BMI calculator.

BMI Calculator


cm


kg

BMI

Volwassenen

Classificatie, WHO Overgewicht (kg/m2)/BMI
Normaal gewicht 18,5-24,9
Overgewicht 25-29,9
Obesitas I 30-34,9
Obesitas II 35-39,9
Obesitas III > 40

Kinderen

Om te bepalen of kinderen een gezond gewicht hebben is het niet alleen van belang te kijken naar de lengte en het gewicht, maar ook naar de leeftijd. Voor kinderen jonger dan twee jaar is er geen gevalideerde BMI-afkapwaarde. Dit betekent dat op basis van de BMI onvoldoende kan worden bepaald of er sprake is van overgewicht of obesitas. Er wordt dan gekeken naar de leeftijd, het gewicht en de snelheid van gewichtstoename.

Leeftijd (jaar) Overgewicht (kg/m2)/BMI

Jongens

Overgewicht (kg/m2)/BMI

Meisjes

Obesitas (kg/m2)/BMI

Jongens

Obesitas (kg/m2)/BMI

Meisjes

2 18,4 18,0 Graad1: 20,1

Graad 2: 22,5

Graad 3: 23,6

Graad1: 19,8

Graad 2: 21,9

Graad 3: 23,4

3 17,9 17,6 Graad1: 19,6

Graad 2: 21,2

Graad 3: 22,2

Graad1: 19,4

Graad 2: 21,5

Graad 3: 23,2

4 17,6 17,3 Graad1: 19,3

Graad 2: 20,7

Graad 3: 21,7

Graad1: 19,2

Graad 2: 21,6

Graad 3: 23,5

5 17,4 17,2 Graad1: 19,3

Graad 2: 20,6

Graad 3: 21,7

Graad1: 19,2

Graad 2: 21,6

Graad 3: 24,2

6 17,6 17,3 Graad1: 19,8

Graad 2: 21,0

Graad 3: 22,2

Graad1: 19,7

Graad 2: 22,8

Graad 3: 25,5

7 17,9 17,8 Graad1: 20,6

Graad 2: 21,7

Graad 3: 23,2

Graad1: 20,5

Graad 2: 24,0

Graad 3: 27,4

8 18,4 18,4 Graad1: 21,6

Graad 2: 23,0

Graad 3: 24,9

Graad1: 21,6

Graad 2: 25,6

Graad 3: 29,8

9 19,1 19,1 Graad1: 22,8

Graad 2: 24,6

Graad 3: 27,0

Graad 1: 22,8

Graad 2: 27,3

Graad 3: 32,3

10 19,8 19,9 Graad1: 24,0

Graad 2: 26,4

Graad 3: 29,5

Graad1: 24,1

Graad 2: 28,8

Graad 3: 34,6

11 20,6 20,7 Graad1: 25,1

Graad 2: 28,3

Graad 3: 32,2

Graad1: 25,4

Graad 2: 30,3

Graad 3: 36,5

12 21,2 21,7 Graad1: 26,0

Graad 2: 30,2

Graad 3: 34,8

Graad1: 26,7

Graad 2: 31,6

Graad 3: 38,0

13 21,9 22,6 Graad1: 26,8

Graad 2: 31,8

Graad 3: 36,9

Graad1: 27,8

Graad 2: 32,6

Graad 3: 38,9

14 22,6 23,3 Graad1: 27,6

Graad 2: 32,9

Graad 3: 38,4

Graad1: 28,6

Graad 2: 33,3

Graad 3: 39,4

15 23,3 23,9 Graad1: 28,3

Graad 2: 33,7

Graad 3: 39,1

Graad1: 29,1

Graad 2: 33,9

Graad 3: 39,7

16 23,9 24,4 Graad1: 28,9

Graad 2: 34,2

Graad 3: 39,5

Graad1: 29,4

Graad 2: 34,3

Graad 3: 39,9

17 24,5 24,7 Graad1: 29,4

Graad 2: 34,6

Graad 3: 39,8

Graad1: 29,7

Graad 2: 34,7

Graad 3: 39,9

18 25,0 25,0 Graad1: 30,0

Graad 2: 35,0

Graad 3: 40,0

Graad1: 30,0

Graad 2: 35,0

Graad 3: 40,0

Tabel 1. NHG-standaard Obesitas.

Meting van de middelomtrek

Een andere methode voor het bepalen van overgewicht en obesitas is het meten van de middelomtrek. U kunt uw middelomtrek meten met behulp van een eenvoudig meetlint. De middelomtrek moet gemeten worden op het smalste deel van je middel, dat deel dat tussen de onderste rib en de bovenkant van bekken/heupen ligt. U dient uw middelomtrek staand te meten aan het eind van een normale uitademing.

Met deze meting krijgt u met name een goed zicht op de gezondheidsrisico’s van uw overgewicht en obesitas. Vet kan zich overal in het lichaam opstapelen. Opstapeling van vet rondom in de buikholte, rond de organen, brengt grotere risico’s voor uw gezondheid met zich mee.

Volwassenen

Classificatie, NHG-zorgstandaard Overgewicht (kg/m2)/BMI

Mannen

Overgewicht (kg/m2)/BMI

Vrouwen

Gezonde middelomtrek 79-93,9 cm 68-79,9 cm
Verhoogd risico gezondheidsproblemen 94-101,9 cm 80-87,9 cm
Fors verhoogd risico gezondheidsproblemen > 40 >88 cm

 

Kinderen

De uitvoering van de middelomtrekmeting is lastig omdat dit bij een staand kind gemeten moet worden aan het eind van een normale uitademing. Met name bij jongere kinderen is dit lastig en dit is van invloed op de betrouwbaarheid.

Bij adolescenten is de middelomtrek wel eenvoudig en goed te meten en redelijk betrouwbaar.